19-05-09

Lachen op het bureau


Er wordt hier tegenwoordig wat afgelachen.

Vandaag kregen we een e-mail van iemand die vroeg om het bijgevoegde standaard-formulier in te vullen en terug te sturen.

So far, so good.

We zetten ons aan het werk, en vulden voor de zoveelste keer datums, prijzen, specialisaties, etc. in.

Maar de laatste regel van het document klopte niet helemaal.

We stuurden een e-mail terug om te zeggen dat het niet kon worden ingevuld.

Het antwoord was dat het perfect mogelijk was om in de tekstvakjes iets in te vullen.

Ons antwoord: het gaat niet om de tekstvakken.

Hun antwoord: om wat dan wel?

Toen hebben wij gestopt met mailen.

De laatste alinea van het document bevat een verklaring die stelde dat we voor hen wilden werken volgens het contract "under procedure XXXX", en die XXXX moest nog worden ingevuld.

Maar hoe konden wij dat invullen als ons daarover niets was meegedeeld?
Bovendien ondertekende onze contactpersoon bij het betrokken bedrijf alle mails met... Quality Manager!

15:13 Gepost door Peter Motte, vertaler van Vertaalbureau Motte in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) | Tags: kwaliteitsmanagement, quality manager, vertalen, vertalingen | |  del.icio.us | | Digg! Digg |  Facebook | | Pin it! |  Print | | |

18-04-09

Recensie: Take Achttien, door Marco Knauff

take achttienrecensent: Peter Motte

onder auspiciën van De voormalige Tijdlijn en Vertaalbureau Motte

Marco Knauff heeft al een behoorlijk creatief leven achter de rug.Hij begon als magisch-realistisch schilder, was auteur van sciencefiction- en fantasyverhalen, waarmee hij nota bene in "De Tijdlijn" debuteerde, en trad op als Sinterklaas.

Zijn Sinterklaas-baantjes leverden een boek op. Onlangs voegde hij een bundel toe aan zijn persoonlijke belevenissen in een creatieve sector, namelijk als figurant in films, tv-series, commercials en zelfs voor reclamefoto's.

"Take Achttien" werd een ideale aanvulling op de stapel sterrenboeken die regelmatig verschijnen. Knauff toont ons het filmen van binnenuit, vanaf de set, vanuit de coulissen, en zelfs vanuit de kantine. De afstand tussen wat we op het scherm zien, en wat er in werkelijkheid gebeurt, is soms immens.

Hij benadert het allemaal vrolijk. Figureren is voor hem een hobby. Hij wordt er wel voor betaald, maar weinig. Zelfs zo weinig dat hij sommige opdrachten later niet meer aanvaardde.

Maar dat drukt de pret niet. Als lezer kun je niet anders dan gedurende het hele boek te glimlachen. Knauff beleefde er plezier aan, en dat brengt hij op de lezer over. Het is dan ook prettig en ontspannend lezen.

Je zou verwachten dat iemand die in Nederland figurant is, niet veel te doen heeft. Maar dat idee wordt door "Take Achttien" weggevaagd. Er is meer vraag naar goeie figuranten dan men denkt, en de Nederlandse en Vlaamse tv-zenders maken tenslotte heel wat series van eigen bodem. Die vereisen allemaal figuranten.

Er zijn ook veel internationale productie die op onze grond komen draaien. Daardoor kon Knauff zelfs optreden in "Ocean's Twelve". Wie dus verwacht dat de avonturen van een Nederlandse figurant alleen maar optredens in kleine, onbekende producties beschrijven, heeft het mis. Liefhebbers van Baantjer, Grijpstra en De Gier, en vele andere reeksen zullen zeker aan hun trekken komen.

Bovendien: wat voor de ene productie geldt, geldt ook voor de andere. Wapens die in films en tv-series worden gebruikt, zijn bijna altijd echt. Ze worden dan ook nauwkeurig gecontroleerd om zeker te zijn dat ze niet geladen zijn. Dat is geen overbodige maatregel: in januari 2009 stierf een acteur in de V.S. tijdens een theaterrepetitie omdat het pistool dat iemand tegen zijn slaap drukte, toch geladen was.

Overigens leveren de kleine producties echt niet de saaie verhalen op. "Modern Woodstock" en "Brush with Fate" behoren tot de boeiendste bijdragen van "Take Achttien", en zelfs de teksten over commercials zijn verrassend, zoals "Ballonnen voor de vrijheid".

Wie meer wil weten over film en tv, moet "Take Achttien" hebben gelezen.

In het laatste hoofdstuk worden zelfs de Internet-adressen gegeven van de castingsbureaus die figuranten aannemen. Dat is nog zo'n positief punt van dit boek: het helpt je een hele stap verder als je ook zelf wilt figureren.

"Take Achttien", Marco Knauff, 2008, Uitgeverij Boekenbent, paperback, 155 p's, 21 x 14,7 x &,5 cm, ISBN 978-90-8570-266-6

Prijs: 15,95 euro

13:59 Gepost door Peter Motte, vertaler van Vertaalbureau Motte in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) | Tags: take achttien, marco knauff, recensie, film, tv, acteren, figurant, autobiografie, reclamefilmpjes, non-fictie, autobiografisch | |  del.icio.us | | Digg! Digg |  Facebook | | Pin it! |  Print | | |

16-04-09

Recensie: Keizers van het ijs, door Richard Farr


Robert Falcon Scott in zijn kajuit op de Terra Nova

recensent: Peter Motte

onder auspiciën van De voormalige Tijdlijn en Vertaalbureau Motte

Met "Keizers van het ijs" kan Richard Farr enthousiasme opwekken voor het onderzoek naar Antarctica.

Antarctica lijkt niets: het is wit, het is koud, en het is groot. Einde verhaal.

Maar Antarctica is ontzettend groot. Wie het continent op een wereldbol vergelijkt met Europa, stelt tot zijn verbazing vast dat Europa zoveel kleiner is, dat hij het moeilijker terugvindt. Qua doorsnede is Antarctica al een stuk groter dan ons werelddeel, maar qua oppervlakte moet het nog heel wat meer zijn, want er zijn veel minder inhammen.

Dus moet Antarctica wel iéts te bieden hebben, en sinds de ontdekking ervan op het einde van de 18e eeuw hebben veel landen en ontdekkingsreizigers dat ook gedacht.

Antarctica werd het laatste onontgonnen continent, en dat startte een wedloop om het in kaart te brengen, en uiteindelijk in bezit te nemen. Zelfs Nazi-Duitsland stuurde er een expeditie heen.

Het barre klimaat van het gebied heeft exploiteren echter altijd zo goed als onmogelijk gemaakt, zodat de belangstelling ervoor meestal louter wetenschappelijk was. Dat die belangstelling er nog altijd is, bewijst de huidige Belgische aanwezigheid, waar men de zaak ecologisch probeert te benaderen. Het nieuwe Belgische zuidpoolstation, de Prinses Elisabethbasis, draait volledig op duurzame energie. De basis heeft vier windturbines en gebruikt ook zonne-energie.

De huidige onderzoekers genieten van een zeker comfort, maar hoe bar de omstandigheden daar zijn, blijkt duidelijk uit "Keizers van het ijs" van Richard Farr.

Farr beschrijft de reis van Robert F. Scott naar de zuidpool in de periode 1910-1913 vanuit het standpunt van de jongste deelnemer, Cherry-Garrard, die bij het vertrek ongeveer 25 jaar oud was.

"Cherry" reisde op Antartica o.a. mee van Cape Evans naar Cape Crozier, waar Bill Wilson eieren van de keizerspinguïn wou halen. Bill wou met de embryo's in die eieren uitzoeken of de keizerspinguïn dicht bij de dinousauriërs stond. Het enige probleem was, dat de keizerspinguïn zijn eieren legt... tijdens de poolnacht!

Dus moesten Cherry, Bill en hun gezel Birdie Bowers tijdens de wekenlange duisternis van de zuidpoolnacht over moeilijk gebied in een onvoorstelbare koude van de ene kant van Ross Island naar de andere kant trekken.

De temperaturen waren laag. Maar getallen zeggen ons niets. Wat ons wel iets zegt, is dat het tijdens windstilte... kouder was dan toen het waaide. Maar als het waait op Antarctica, dan waait het hard. En als het hard waait, is het moeilijker om vooruit te komen.

Wat ons ook iets zegt, is dat de temperatuur soms zo laag was, dat ledematen die er aan worden blootgesteld, binnen 10 seconden bevriezen.

Farr slaagt erin om al die helse details uit het lange verhaal van Cherry te plukken, en zonder overbodige overdrijvingen de volharding van de poolreizigers neer te zetten. Het is een verhaal waarvoor overdrijving niet nodig is. De feiten spreken voor zich: vijf doden, geen enkel paard dat het overleefde, honden die stierven, elke sneeuwscooter ging verloren...

Wit en leeg. Dat lijkt Antarctica. Maar toch verbergt die witheid een hele wereld. Het is een van de wonderlijkste continenten van onze aarde, en tegelijk het gruwelijkste.



Afwerking van het boek: uitstekend:

  • drie kaarten, al hadden we graag een extra kaart gehad om de reis van Cherry beter te kunnen volgen
  • veel foto's, die uiteraard tijdens de reis zelf werden genomen
  • lijsten met de bemanning, de uitrusting en voorraden, en de temperatuur
  • uittreksels uit de laatste brieven die de overleden expeditieleden achterlieten
  • chronologisch overzicht van de reizen van Robert Falcon Scott, Bill Wilson, Shackleton en Roald Amundsen
  • aantekening over scheurbuik en de behandeling ervan
  • een uitvoerige bronnenlijst met de werken geraadpleegd door Richard Farr voor het schrijven en door Jeske Nelissen voor het vertalen.
Dat alles zorgt ervoor dat het werk behalve een spannend boek ook een uitstekende inleiding is op de geschiedenis van de verovering van Antarctica, een continent zo bar dat het alle veroveraars met koude botten terugstuurt.

Ondanks de tragische gebeurtenissen is "Keizers van het ijs" een boeiende avonturenroman voor lezers vanaf 10 jaar, waar ook veel volwassenen plezier aan zullen beleven. Ondanks de tegenslagen blijft het een opbeurend boek, met optimistische personages die uitgroeien tot doodsverachtende helden.


Keizers van het ijs, het waargebeurde verhaal van de jongste deelnemer aan een catastrofale expeditie, Richard Farr, 2009, Baarn (NL), De Fontein, oorspronkelijk: "Emperors of the Ice: A True Story of Survival and Disaster in the Antarctic", vertaling: Jeske Nelissen, gebonden, geïllustreerd met oorspronkelijke foto's en 3 kaarten, 192 p's, 23 x 16 x 2 cm, ISBN 978-90-261-2608-6.
Prijs: 16,95 euro

Een cairn met een kruis erop werd opgericht op de plaats waar de lichamenvan Scott, Wilson en Bowers gevonden werden.


16:51 Gepost door Peter Motte, vertaler van Vertaalbureau Motte in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) | Tags: recensie, richard farr, keizers van het ijs, antarctica, non-fictie, robert falcon scott, cherr-garrard, terra nova, cape evans, cape crozier, zuidpool, roald amundsen | |  del.icio.us | | Digg! Digg |  Facebook | | Pin it! |  Print | | |

21-03-09

Shitajiki

dn12Bij Deathe Note 12 werd een shitajiki cadeau gedaan.
Ik vond het volgende artikel over shitajiki's.
Shitajiki is Japans en het betekent letterlijk "onderblad" of "onder de hand". Het is dus een soort onderlegger, maar het is vooral bedoeld als schrijblad.

Een shitajiki kan uit verschillende soorten materiaal bestaan en wordt onder een blad papier gelegd als je er op wilt schrijven.

Het dient vooral om meer steun voor het schrijfmateriaal te geven, maar ook om te verhinderen dat er merktekens achterblijven op het blad eronder.

Shitajiki's voor handschrift zijn meestal 1 mm tot 2 mm dik, waardoor ze wel flexibel zijn, maar toch ook duurzaam en niet te slap. Gewoonlijk is het formaat B5. Ook A4 en A5 komen vaak voor, en er zijn ook andere formaten mogelijk. De formaten zijn afhankelijk van de behoeften.

Voor kalligrafie worden shitajiki's gewoonlijk gemaakt van donkerblauw of zwart vilt.

Shitajiki's worden vaak recto-verso versierd met afbeeldingen. Die kunnen op allerlei thema's zijn gebaseerd: toeristische trekpleisters, film- en rocksterren, en natuurlijk ook anime- en mangafiguren. De afbeeldingen zijn doorgaans van hoge kwaliteit, en door de duurzaamheid van de shitajiki gaan ze lang mee.

De meeste shitajiki-ontwerpen worden maar één keer gedrukt, waardoor ze verzamelobjecten worden. Shitajiki's verzamelen is een veel voorkomende hobby. Als verzamelobject worden ze ook vaak gebruikt als versiering.

Afbeelding gepubliceerd met toestemming en copyrighted DEATH NOTE (c) 2003 by Tsugumi Ohba, Takeshi Obata/ Shueisha Inc.

16:34 Gepost door Peter Motte, vertaler van Vertaalbureau Motte in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tsegumi ohba, death note, manga, strips, stripverhaal, kana, shitajiki, takeshi obata | |  del.icio.us | | Digg! Digg |  Facebook | | Pin it! |  Print | | |

27-01-09

Recensie: Het laatste fresco, door Gust van Brussel

Recensie: Het laatste fresco, door Gust van Brussel

Het laatste fresco, door Gust van Brussel

recensent: Peter Motte

onder auspiciën van De voormalige Tijdlijn en Vertaalbureau Motte

Met "Het laatste fresco" heeft Gust van Brussel een van de beste boeken geschreven die ik de laatste maanden heb gelezen.

Natuurlijk klinkt zo'n uitspraak niet overtuigend als ze niet in een nationale krant wordt gepubliceerd of in een belangrijk literair tijdschrift, maar laten we wel wezen: het boek heeft veel kwaliteiten.

Dik is het niet: 130 pagina's. Volgens sommigen is het dus meer een vette novelle dan een roman. Maar de betekenis van dat soort termen varieert nogal.

"Het laatste fresco" vertelt het verhaal van een man die na de dood van zijn vrouw door Italië zwerft, van hotel naar hotel, en onderweg vreemde personages ontmoet. Zijn dagen verlopen anders dan hij had verwacht.

Het boek is ingedeeld in zeven hoofdstukken, en elk hoofdstuk krijgt als titel de naam van een van de personages uit de Commedia dell'arte. Commedia dell'arte was een populaire vorm van volks improvisatietoneel. De acteurs bouwden gevarieerd toneel op, dat gedeeltelijk bestond uit geïmproviseerde invallen, en gedeeltelijk uit flarden tekst die ze uit het hoofd kenden. De toneelgroep moest goed op elkaar zijn ingspeeld, want de improvisaties veroorzaakten onverwachte reacties van de acteurs, waarop de andere acteurs gepast moesten kunnen reageren. De commedia dell'arte is verdwenen toen men vaste teksten begon te gebruiken, waardoor de levendigheid verloren ging.

De improvisatie was gedeeltelijk mogelijk doordat de personages categorieën mensen verbeeldden, zoals de geliefde, de minnaar, de politieagent, de dokter, enzovoort. Het zijn geen clichés, zoals in hedendaagse detectives nogal eens een politieagent optreedt die buiten de lijntjes kleurt en die kan rekenen op zijn trouwe adjudant op de gemoedelijke omgang met een of andere louche figuur. Nee, "il capitano" uit de commedia dell'arte vertegenwoordigt gewoon de gezagsdrager, zoals die in elke maatschappij voorkomt.

Gust van Brussel heeft zijn roman opgebouwd rond die toneelpersonages. Of, liever gezegd, de merkwaardige figuren die zijn hoofdpersonage onderweg ontmoet, worden behandeld in een hoofdstuk waarvan de titel de naam van een van die toneelpersonages draagt.

In "Il dottore" ontmoet hij een merkwaardige kerel die geldt probeert los te krijgen voor zijn uitvindingen. Om hem te ontlopen verlaat het hoofdpersonage zijn hotel, en begint hij Italië rond te trekken. De hele reis lang blijven de herinneringen aan de vreemde snoeshaan hem door het hoofd spoken, aangetrokken als hij wordt door het gevoel dat er meer inzicht in zijn krankzinnigheid zat, dan hij aanvankelijk had vermoed.

Alle hoofdstuktitels zijn in het enkelvoud, maar dat betekent niet dat er maar één persoange in zo'n hoofdstuk kan worden beschouwd als een voorbeeld van de categorie. In "Il capitano" zijn er minstens twee: Boris en een Porsche-chauffeur. Beiden treden op als mensen die meester zijn over hun omgeving, en tot op zekere hoogte over de hoofdpersoon - of waarvan de hoofdpersoon vermoedt dat ze meester zijn over hem. Zo is hij nooit zeker of Boris en zijn vrouw samen overspel hebben gepleegd.Een van de charmes van het boek is dan ook om in elk hoofdstuk te zoeken naar de personages die in de titelcategorie kunnen worden ingedeeld. Het is een manier om het verhaalverloop in te delen in hoofdstukken, maar ook een manier om verschillende aspecten van een categorie mensen tegenover elkaar af te wegen.

Maar bovenstaande is tot op zekere hoogte ingewikkeld gezever, want het boek leest niet als een moeilijk door te snijden klomp stopverf. Het gaat integendeel erg vlot. Alhoewel de gebeurtenissen weinig spectaculair zijn, houdt Gust van Brussel er de spanning in. De Porsche-chauffeur lijkt een maffia-type te zijn, maar er worden geen revolvers bovengehaald, en er zijn geen vechtpartijen. Het hoofdpersonage merkt alleen maar dat er iets aan de hand is, maar zelf wordt hij vriendelijk en voorkomend behandeld.

Zo wandelen we samen met de hoofdfiguur rond in Italië, en beleven we de manier waarop hij in het reine probeert te komen met zichzelf, de dood van zijn vrouw, en zijn herinneringen.

Het boek is zowel op papier verkrijgbaar, als elektronisch. Elektronisch kan het hier worden gekocht voor 5 euro.

"Het laatste fresco", Gust van Brussel, 2009, Turnhout, De Graal vzw, geïllustreerd, 132 p's, 22 x 13,3 x 0,9 cm, ISBN 978-90-504-5000-3

Prijs: als e-book 5 euro

20:26 Gepost door Peter Motte, vertaler van Vertaalbureau Motte in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) | Tags: literatuur, roman, het laatste fresco, gust van brussel | |  del.icio.us | | Digg! Digg |  Facebook | | Pin it! |  Print | | |

21-01-08

Recensie: Superdinosaurussen, door Robert Mash & Stuart Martin

Superdinosaurussen, door Robert Mash & Stuart Martin

recensent: Peter Motte

onder auspiciën van De voormalige Tijdlijn en Vertaalbureau Motte

Nog eens een bespreking van een boek dat sommigen in de boekhandel zullen voorbijlopen als "voor de kinderen", maar dat het niet is:
Superdinosaurussen, Robert Mash & Stuart Martin
Robert Mash en Stuart Martin hebben hun creativiteit losgelaten op de grondige documentatie die ze hebben verzameld over dinosaurussen.
Die gedrochten spreken nog altijd tot de verbeelding. Niet alleen door hun enorme afmetingen en door hun bizarre bepantsering, maar ook door hun millinialange dominantie van onze planeet.Dat is misschien nog het merkwaardigst: de aarde die we nu kennen, bestond toen niet.
Wat ons vertrouwd is, moest nog komen. In die periode hoefde u in de zomer geen gras te maaien, want er was geen gras. Je moest niet de Grote Plas over om naar een ander continent te gaan, want er was maar één continent. Je moest je zelfs geen zorgen maken over de opwarming van de aarde, want het was al heet genoeg.
Nee, wij zouden in zo'n wereld niet kunnen aarden. Bedenk dat diverse typen graangewassen een hoofdbestanddeel zijn van het voedsel van de mens, en graan... is een grassoort!
Elk boek over dinosaurussen toont draken die echter zijn dan de draken in onze fantasie, het toont ons de spoken die verborgen liggen achter achter onze huidige wereld. Het toont ons dat de thuis waar wij nu leven, niet altijd van ons is geweest.
Mash en Martin hebben kan niet worden verweten termen te gebruiken zoals "super", "extreem", "gemeen", "monsters", "zwaargewichten", "kolossaal", "reusachtig", "verschrikkelijk", enzomeer... Die dingen waren nu eenmaal zo.
Hun boek is geen saaie studiekost. Niet alleen door de overdonderdende inhoud, maar ook door de creatieve afwerking: reconstructietekeningen, korte teksten, kaderteksten, foto's van fossielen en nog levende dieren, vergelijkingen tussen dinosaurussen en moderne wezens, een vrgenlijstje om te testen wat je hebt onthouden, uitklapplaten... het is er allemaal.
Wel oppassen met het uittrekplaatje van de Brachiosaurus op blz. 3. Wie het boek aan zijn kinderen cadeau doet, kan ze best helpen als ze aan het lipje trekken om de tekening te voorschijn te brengen die achter de afbeelding van de brachiosaurus is verborgen. Het hapert wat, en het is mogelijk dat onhandige handen het stuktrekken. Het beste is om met de rechterhand het lipje vast te nemen, en tegelijk met de linkervingers tegen het louvre het dichtst bij het lipje te drukken, met ene vinger aan de bovenkant en met andere aan de onderkant van het louvre, zodat het gelijkmatig naar rechts schuift.
Eenmaal dat achter de rug, krijgt u een uitgewerkte tekening van de brachiosaurus te zien, zodat u het skelet kunt zien, en waarop wordt aangegeven waar bepaalde spieren en organen liggen.Het is dus een erg informatief en rijk veelkleurig geïllustreerd boek met het karakter van een popup-boek. Er is bijvoorbeeld een afbeelding van een dino-ei, dat u kunt openklappen, zodat u het dino-embryo kunt zien.
Er is ook een popup van een velicraptor. Vooraan in het boek zit een poster met verschillende dino's erop. Maar meer naar achteren is nog een poster verborgen, die misschien de beste vondst van het hele boek is. Wat er op staat, moet u zelf ontdekken.
Kritiek? Nou: er staat één fout in het boek: op blz. 14, nl. de pagina met de titel "Vreemde vogels", staat in de kadertekst "Heerser van het luchtruim" een fout: "De eerste pterosaurus die werd ondekt was Pterodactylus: het is ook de vroegst bekende soort uit het Krijt, 225 miljoen jaar geleden." Dat klopt niet: het is een soort uit het Trias. Het Krijt is later.Maar verder: van de doden niets dan goeds (grijns).

Superdinosaurussen, Robert Mash & Stuart Martin, 2007, Kosmos, geïlustreerd in kleur, met kleurenfoto's, 2 posters, popup, bewegende elementen, vouwbladen, gebonden, oblong, 27 x 30,5 x 2,5 cm, 28 p's, ISBN 978-90-215-2137-4
prijs: 19,95 euro

19:54 Gepost door Peter Motte, vertaler van Vertaalbureau Motte in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (0) | Tags: robert mash, stuart martin, non-fictie, dinosaurussen | |  del.icio.us | | Digg! Digg |  Facebook | | Pin it! |  Print | | |

08-12-07

Tentoonstelling: Buth: vader van Thomas Pips

BUTH_KIJK

  • Wat? Tentoonstelling BUTH. Vader van Pips en andere muizenissen...
  • Waar? Sint-Pietersabdij Gent
  • Wanneer? 30 november 2007 - 17 februari 2008, 10.00-18.00, behalve op maandag (sluitingsdag); gesloten op 24, 25 en 31 december 2007 en op 1 januari 2008
  • Prijs: individuen: 4 euro; groepen vanaf 15 personen: 3 euro/pers., gratis tot en met 12 jaar, korting voor 50+-ers.
  • Groepen: gids 75 euro per groep tot 20 pers. exclusief toegangstickets
  • e-mail: drr.sintpietersabdij@gent.be
  • info bezoeken: info@boekjebezoek.be
De Gentenaar Léo De Budt is bekend van de stripreeks Thomas Pips en de zoekplaatjes over de Ronde van Frankrijk met de muisjes.

Hij is echter meer dan dat.

Hij is een leerling van Frits Van den Berghe, en als kunstschilder won o.a. de schilderprijs Prix de Rome.

Als cartoonist signeerde hij met Buth, en onder die naam publiceerde hij vanaf 1946 in de krant Het Volk de stripreeks "Thomas Pips".

In 1947 begon hij met de wieleravonturen van Pips in de Ronde van Frankrijk. Dat leverde erg populaire sportcartoons, die tijdens de Tour verschenen in de sportbijlagen van "Het Volk".

In 1962 verscheen een afzonderlijk tourkrantje, het "Rondegazetje", dat in 's avonds op straat werd verkocht. Daarin werd telkens een gebeurtenis uit de Ronde in een cartoon verwerkt. Het waren tegelijk zoekplaatjes waarin een muisje zat verborgen. Die cartoons werden later in "Het Nieuwsblad" overgenomen.

20:13 Gepost door Peter Motte, vertaler van Vertaalbureau Motte in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (4) | Tags: stripverhaal, thomas pips, buth, leo de budt, ronde van frankrijk, tour | |  del.icio.us | | Digg! Digg |  Facebook | | Pin it! |  Print | | |